Verkiezingen 2014 – Gezondheidszorg: Een doorgedreven kwaliteitsbeleid op alle niveaus van ons zorgsysteem

Voorstel

Itinera pleit om volop in te zetten op een doorgedreven kwaliteitsbeleid op alle niveaus van ons zorgsysteem, met publieke rapportering. Het Kwadrant model kan op de verschillende niveaus gebruikt als leidraad om kwaliteit vanuit alle invalshoeken te bekijken als continue verbetercyclus. Het vereenvoudigen van administratie door IT-ontwikkeling is daarbij een must om kwaliteitsopvolging een kans te geven. Ook moeten we de aangepastheid van zorg verhogen door de zorgprocessen te standaardiseren op basis van evidence based richtlijnen en kan de overheid in samenwerking met de zorgverstrekkers investeren in decision support systemen.

Een goede kwaliteit van zorg leidt tot meer efficiëntie. Zo zal een betere kwaliteit van zorg leiden tot minder vermijdbare kosten door complicaties, ziekenhuisinfecties, heropnames, te lange verblijfsduren, etc. Wat uiteraard leidt tot een lagere kost. In Nederland gaf het rapport ‘Monitor Zorggerelateerde schade 2011-2012’ aan dat de totale kost voor zorggerelateerde schade opliep tot een bedrag van €523 miljoen per jaar, €126 miljoen daarvan is potentieel vermijdbare schade. Dit betekent dat 2,2% van de jaarlijkse uitgaven aan ziekenhuiszorg in Nederland kunnen toegewezen worden aan zorggerelateerde schade, 0,5% aan potentieel vermijdbare schade[1]. Onderzoek van medische claims in de Verenigde Staten kwam tot een jaarlijkse kost door medische fouten die ernstige schade berokkenen bij patiënten van $17,1 miljard in 2008, ofwel 0,72% van het totale gezondheidszorg budget in de VS[2]. Hoogste kosten werden gegenereerd door postoperatieve infecties ($3,4 miljard) en doorligwonden ($3,3 miljard). Ook leidt een beter kwaliteitsbeleid tot een betere teamwerking en coördinatie van zorg wat efficiëntiewinsten met zich meebrengt. Kwaliteitsbeleid zal er voor zorgen dat, door het gebruik van zorgpaden en lean management technieken, niet-waarde toevoegende activiteiten geëlimineerd worden. Ook noodzaakt een goed kwaliteitsbeleid het leren van anderen in allerhande netwerken en samenwerkingsverbanden.

“Kwaliteit moet doordrongen zijn in elke vezel van de organisatie. Te vaak leeft er in de sector het idee: Wij werken aan kwaliteit, want we hebben een kwaliteitscoördinator aangesteld!”

Kwaliteit is organisatiebeleid en kan daarom niet beperkt blijven tot kleine projectjes die worden begeleid door enkele gemotiveerde stafmedewerkers. Te vaak leeft er in de sector het idee: “Kijk, wij werken aan kwaliteit, we hebben een kwaliteitscoördinator aangesteld!” Niettegenstaande enkele mooie initiatieven, leidt dit zelden tot echte verbetering en effectieve organisatieverandering. Kwaliteit moet doorgedrongen zijn in elke vezel van de zorgorganisatie. Elke zorgorganisatie dient een doorgedreven kwaliteitsbeleid te voeren van top tot basis. We pleiten opnieuw voor een hoge mate van betrokkenheid van de artsen en zorgverleners in verbeterprojecten. Zij bepalen in samenspraak met de patiënt welke zorg ze verlenen op basis van wetenschappelijke standaarden en hun eigen expertise. Ze volgen hun zorgresultaten zelf op, bespreken die in teamvergaderingen en zoeken samen naar mogelijke verbeteringen. Dit is echter niet genoeg. Goed bestuur vereist dat kwaliteit op de agenda komt van elk directiecomité, elke medische raad én elke raad van bestuur. Momenteel worden tijdens de raad van bestuur bijna uitsluitend financiële indicatoren besproken.

Via kwaliteitsboordtabellen dient het beleid een overzicht van de performantie van de verschillende zorgprogramma’s te krijgen en kunnen ze extra investeren daar waar nodig. Laat ons duidelijk zijn, we pleiten hier allerminst voor een cultuur van controle en bestraffing. Dit werkt contraproductief. Kwaliteitsopvolging dient te worden gebruikt om het beleid te sturen en een strategie te ontwikkelen die streeft naar een collectieve ambitie om beter te doen. Hier volgen we de principes van ‘Total Quality Management’ die de verschillende aandachtsgebieden voor kwaliteitsbeleid als organisatiebeleid aangeven en dit zien als een continue verbetercyclus (Figuur 11). De rol van de overheid is het geleidelijk aan komen tot een volledige publieke rapportering van kwaliteit, goeie kwaliteit te belonen via het betalingssysteem en het stimuleren van accreditering op zowel het niveau van de zorgorganisatie als het niveau van de zorgprocessen.

Figuur 11. Kwadrant-model voor kwaliteitsbeleid als organisatiebeleid en continue verbetercyclus

Bron: Netwerk Kwadrant, Centrum voor Ziekenhuis- en Verplegingswetenschap, http://www.czv.kuleuven.be/

“Vereenvoudig administratie en investeer in digitalisering om kwaliteitsbeleid een kans te geven.”

Kwaliteitsopvolging leidt te vaak tot een administratieve rompslomp. De verouderde administratie in de zorg ‒procedures van documentatie van verleende zorg, facturatie, gegevensregistratie, kwaliteitsopvolging‒ is zo complex dat ze vertragend werkt en een goed kwaliteitsbeleid tegenwerkt. Heel wat gegevens worden via verschillende kanalen dubbel geregistreerd. Er is slechts beperkte integratie van gegevens, waardoor er nog enorm veel op papier gebeurt met extra tijdsinvesteringen en kosten tot gevolg. Zorgverleners, huisartsen, specialisten, etc., allen spenderen ze te veel van hun tijd aan administratie. Verpleegkundigen zijn bijvoorbeeld 20% van hun tijd bezig met niet-zorgtaken, waarvan een groot deel besteed wordt aan administratie. Oplossingen liggen in uniformering, digitalisering en centralisering van gegevens. Bovengenoemde systemen zoals Kaiser Permanente tonen aan dat tot 25% op zorgkosten kunnen worden uitgespaard met een IT optimalisatie, gepaard gaande met kwaliteitswinst. Ook moet zo veel mogelijk ‘goedkoper’ niet-zorgpersoneel worden ingezet voor logistieke ondersteuning bij administratieve taken.

“Standaardiseer de zorgprocessen op basis van evidence based richtlijnen en investeer in decision support systemen”

Onverantwoorde afwijkingen van de wetenschappelijk verantwoorde zorg uiten zich in overbehandeling (of overdiagnostiek), onderbehandeling (of onderdiagnostiek) en verkeerde behandeling. Allen leiden tot onnodige kosten en slechte kwaliteit. Zo kan onderbehandeling leiden tot onnodige heropnames of duurdere behandeling door het niet tijdig opmerken van gezondheidsproblemen. Internationale cijfers tonen aan dat 60 tot 70% van de verleende zorg voldoet aan de wetenschappelijke standaarden. De overblijvende 30% biedt dus een groot potentieel voor het verhogen van kwaliteit en efficiëntie. Dit kan door het invoeren van decision support systemen die ingebed worden in het elektronisch patiëntendossier. Zulke systemen verzamelen alle bestaande wetenschappelijke kennis en via een elektronische vertaling kunnen ze symptomen en indicaties screenen om suggesties van optimale behandeling te formuleren. De overheid kan hiertoe bijdragen door dit soort tools ter beschikking te stellen. Mooi voorbeeld is te vinden in het Verenigd Koninkrijk waar een decision support systeem ter beschikking wordt gesteld van 150 zorgorganisaties (http://www.mapofmedicine.com). De NHS-zorgorganisaties kunnen deze ‘map of medicine’ dan invoeren in hun eigen IT-systemen.