Overheid dreigt andere spelers te verpletteren

Opinie

De coronacrisis werkt als een vergrootglas voor de zwakke punten in onze samenleving. Het virus is niet verantwoordelijk voor alles wat in ons land, met zijn kolossale overheidsbeslag, misloopt. Het bracht enkel de disfuncties aan het licht. Deze crisis vergt uiteraard begeleidende maatregelen – waarbij de heroriëntatie en de vorming van tijdelijke werklozen van groot belang is – maar het mag geen serre worden waarin niemand zich nog moet aanpassen aan nieuwe evoluties. We moeten vermijden te veel middelen te steken in het aanpassen aan de nieuwe realiteit.

Bestuurlijk vallen we elke week wel ergens door de mand. Dat illustreert vooral dat onze maatschappij onvoldoende beseft wat de kerntaken van de overheid zijn. Vorige week kondigde de Vlaamse overheid met grote trom aan dat ze een Vlaams congrescentrum opent. Deze week deelt een minister mee dat de Brusselse overheid landbouwgronden gaat aankopen in Vlaams- en Waals-Brabant om de bevolking in de hoofdstad te voeden.

Extra congrescentrum taak van de overheid?

We zijn het noorden kwijt over de rolverdeling van de grote actoren in onze samenleving. Als een extra congrescentrum nodig is, zal dat dan niet spontaan uit de markt ontstaan? De overheid kan waken over de voedselveiligheid, maar de productie kan ze toch aan landbouwondernemers overlaten? Dat soort debatten moeten we opnieuw voeren. De overheid moet de juiste zaken doen en ze moet de zaken die ze doet, juist doen.

Ze moet rechtszekerheid creëren, een vertrouwenwekkend kader waarin, zoals de overheid, ook ondernemingen, middenveldactoren en burgers hun activiteit legaal en vrij kunnen ondernemen. Zij doen de economische motor draaien die de overheid financiert en ze doen dat binnen het wettelijk kader dat over­heden bepalen. De ene actor kan niet functioneren zonder de andere, elk met een eigen rol en verantwoordelijkheid.

Goed bestuur vergt een goede organisatie, een heldere visie op doelstellingen, bestuurslagen en bevoegdheidsdomeinen. We moeten dringend discussiëren over rekenschap, waarbij de prestatie, maar vooral de taken en de organisatie van de overheid tegen het licht worden gehouden. De econoom Joseph Schumpeter maakte zich veel minder zorgen over een crisis dan over het hellend vlak waarin de sfeer van het overheidsingrijpen sluipend de hele maatschappij zou besmetten. Zo zou de bevolking vervreemden van het ondernemerschap als vitale bron voor welvaartscreatie. Ons land zit in een toestand waarin de overheid de andere sferen, zoals de bedrijfswereld, maar ook de civiele maatschappij en de eigen verantwoordelijkheid van de burgers, begint te verdrukken.

Excellentie afdwingen voor kerntaken

Door voor alles in regelgeving en subsidies te voorzien, worden andere sferen van de maatschappij in de overheids­context getrokken. We kunnen dat alleen stoppen met een betere democratische cultuur die excellentie afdwingt voor de kerntaken van de overheid en door haar kolonisatie van de maatschappij binnen de perken te houden. Voor elk probleem naar de overheid kijken en dan nog eens in de val trappen dat steeds meer geld de oplossing is, doet ons compleet vast­lopen. Niet alleen dreigt dat de andere actoren in de maatschappij – de onder­nemingen, de civiele maatschappij en de zelfredzaamheid van burgers – te verpletteren, de overheid zal zich ook compleet vertillen.

Rekenschap is het sleutelwoord. Rekenschap bij de overheid als die faalt in haar kerntaken en tegelijk haar rol te breed invult. Bij de bedrijven, die te gemakkelijk om steunmaatregelen vragen en zich de subsidies laten welgevallen. Bij de civiele maatschappij en de burger, die bij het minste probleem naar de overheid kijken om initiatief te nemen.