Culturele smeltkroes is een kruitvat geworden

Opinie

Soms zijn de felle spots van een verkiezingsstrijd nodig om een fundamenteel maatschappelijk probleem uit de schaduw van politieke correctheid en fletse diplomatie te trekken. Het felle licht is de combinatie van verkiezingen in Nederland en een referendum in Turkije, uitgemond in een clash over een Turkse minister die toegang tot een politieke meeting op Nederlands grondgebied werd geweigerd. Het maatschappelijke probleem is de politieke positie van de miljoenen Turkse immigranten in Europa.

Al vele jaren behandelen Turkse regeringen de grote Turkse diaspora in Europa als simpele ‘expats’: Turken die weliswaar elders leven maar die politiek nog altijd Turks zijn, stemrecht inbegrepen. Vooral in Duitsland, maar ook in België en andere West-Europese landen, is het een courante praktijk dat Turkse regeringsleiders massamanifestaties toespreken om stemmen te ronselen voor kiescampagnes. In de loop der jaren, naarmate het regime van president Recep Tayyip Erdogan almaar meer de autoritaire toer opging, werd het schouwspel van duizenden vendelzwaaiende geëmigreerde Turken stilaan verontrustend.

Van onrust naar onvrede

Die onrust is nu overgeslagen in onvrede. Eerst Duitsland en Oostenrijk, en nu ook Nederland, hebben Turkse toppolitici verboden verkiezingsmeetings op hun grondgebied toe te spreken. Het officiële motief is veiligheid. De gemoederen rond Turkse massabijeenkomsten durven inderdaad nogal te verhitten. Er is ook de overgevoeligheid door verkiezingen in zowel Duitsland als Nederland. Maar de diepere reden is het politieke schisma tussen Turkije en Europa. Het Turkse referendum van 16 april wil president Erdogan feitelijk almachtig maken. Het is een referendum om de rechtsstatelijke democratie in Turkije tot een farce te herleiden. Daarvoor campagne voeren op Europees grondgebied, is de Turken aldaar mobiliseren voor een visie die haaks staat op het fundament van de samenleving waarin ze wonen.

De Turken die Europa tot hun thuis hebben gemaakt, zijn immers geen expats: het zijn immigranten. Velen hebben ook de nationaliteit van hun nieuwe Europese thuisland verworven. Allemaal zijn ze burgers van een Europees land, met alle rechten en plichten die daarmee samenhangen. Ze zijn dus Turkse Europeanen, geen Europese Turken. Wij kunnen verwachten dat ze als medeburgers het DNA van de westerse rechtsstaat omarmen: dat is het enige bindmiddel van onze samenleving. Wij kunnen verwachten dat een buitenlandse mogendheid op ons grondgebied geen campagne voert die de binnenlandse politiek contesteert of verstoort.

Schimmenspel

Wij, Europeanen, oogsten wat onze leiders hebben gezaaid. Al decennialang spelen die met Turkije een vals schimmenspel over een toetreding tot de Europese Unie, die er nooit zal komen. Dat spel kan alleen volgehouden worden door de Turkse regering bestendig te paaien. De vluchtelingencrisis hebben we schaamteloos aan datzelfde Turkije uitverkocht, wat ons tot vazalstatus heeft gereduceerd. Erdogan en co vinden het niet meer dan normaal dat ze op Europees grondgebied hun ding kunnen doen.

Al decennialang ondergaat Europa massa-immigratie zonder noemenswaardige visie over integratie en assimilatie. Wat een Europese samenleving zou moeten zijn, is de afspiegeling geworden van wereldproblemen die in Europa zijn geïmporteerd, het Turkse mijnenveld inbegrepen. De multiculturele smeltkroes is een kruitvat geworden. Turkse manifestaties muilkorven, kan even de lont uit het kruitvat houden. Maar het is een noodmaatregel. We moeten het tij keren door het debat aan te gaan, niet door het te verbieden.